De dominante religie in Spanje is het Rooms-Katholieke geloof. Volgens officiële bronnen is meer dan 80% van de bevolking officieel Rooms-Katholiek. Hierbij moet opgemerkt worden dat een groot deel van deze groep verplicht werd tot het geloof in tijden van het Franco-regime, en daar dus nooit zelf voor heeft kunnen kiezen.

In die tijd (tot ver in de jaren 70) was elke Spanjaard volgens de wet katholiek, vrijwillig of niet. Daardoor is een groot deel van het genoemde percentage officieel gelovig, maar in het dagelijks leven niet praktiserend. Een duidelijk recent bewijs hiervan is het feit dat meer dan 70% van de Spaanse bevolking het homohuwelijk heeft goedgekeurd, terwijl de Katholieke kerk daar grote bezwaren tegen heeft. Sinds juni 2005 is Spanje dan ook het derde land van de Europese Unie waar het homohuwelijk is gelegaliseerd.

Buiten het katholieke geloof bestaan er een aantal protestantse bevolkingsgroepen, waarvan geen één echter uit meer dan 50.000 personen bestaat. Ook zijn er ongeveer 20.000 Mormonen.

In de afgelopen 32 jaar (sinds de val van het Franco-regime) is het aantal praktiserend gelovigen drastisch gedaald, en is Spanje religieus gezien geen traditioneel Rooms-Katholiek land meer. Volgens een onderzoek van de New York Times in 2005, gaat slechts 18% van de bevolking regelmatig naar een kerkdienst. Binnen het deel van de bevolking dat wel religieus actief is, zijn net als in de meeste Noord-Europese landen, verschillende maten en niveaus van daadwerkelijke betrokkenheid te onderscheiden.

De Heiligen Jakobus de Meerdere, Johannes van Avila en Theresia van Avila zijn de beschermheiligen van Spanje.